Maria en Jezus Christus: de christologische basis van mariologie

Maria e Jesus Cristo: o fundamento cristológico da mariologia

Maria en Jezus Christus, de theologische basis van de Mariologie

De Mariologie vindt haar fundament, haar doel en haar centrum in Jezus Christus. Het Tweede Vaticaans Concilie plaatste Maria “in het mysterie van Christus en de Kerk” (LG 8), en verwierp zowel een geïsoleerde Mariologie als een Christologie die de moeder van de Heer zou negeren. De relatie van Maria met Christus kan samengevat worden in drie bijbelse titels: *Moeder van de Verlosser, leerling van de Heer, en mede-redderin*.

Maria, moeder van de Verlosser

Het oudste getuigenis uit het Nieuwe Testament over Maria komt van Paulus: *”Wanneer de volheid van de tijd was gekomen, zond God zijn Zoon, geboren uit een vrouw, geboren onder de wet”* (Galaten 4:4). De incarnatie van de Zoon van God impliceert noodzakelijkerwijs de materniteit van Maria. Matteüs en Lucas beschrijven in detail de maagdelijke geboorte van Jezus door de werking van de Heilige Geest. Lucas noemt Maria *”moeder van mijn Heer”* (Lucas 1:43), waarbij hij de goddelijke titel van Jezus gebruikt, zelfs voor zijn geboorte. Johannes noemt Maria vijf keer *”moeder”* in de twee meest betekenisvolle scènes van zijn Evangelie: bij Caná en aan het kruis. Deze goddelijke materniteit werd officieel bevestigd tijdens het Concilie van Efeze (431) met de titel *Theotokos*, en later bevestigd in Calcedon (451): Maria is *”Moeder van God”* (*Dei Genitrix*).

Maria, leerling van de Heer

Lucas presenteert Maria als de eerste en meest volmaakte leerling van Jezus. Wanneer Jezus zegt: *”Mijn moeder en mijn broers zijn zij die het woord van God horen en het in praktijk brengen”* (Lucas 8:21), vermindert dit niet haar fysieke materniteit, maar toont het dat deze materniteit geworteld is in een diepere geloofstoewijding: een volledige overgave aan de wil van de Vader. Augustinus uit dit op een onovertreffelijke manier samen: *”Maria heeft eerst in haar hart geconcepeerd, voordat ze het deed in haar buik”* (*fide plena et Christum prius mente quam ventre concipiens*). Het geloof van Maria gaat haar materniteit vooraf. *Maria was leerling voor ze moeder werd.*

De *Lumen Gentium*

De *Lumen Gentium* (Licht der Volkeren) bevestigt dat Maria, door haar unieke relatie met de Zoon van God, een bijzondere rol speelt in het plan van de verlossing. Zij wordt gezien als een voorbeeld van geloof en gehoorzaamheid, die de goddelijke genade ontvangt en deze verder geeft aan anderen.

De “peregrinação in geloof” die in noot 58 wordt beschreven, omvatte momenten van onbegrip, stilte in het hart en vooruitgang in het duister. Deze dimensie benadert het meest de ecumenische ervaring die gedeeld wordt met de kerken van de Reformatie.

Maria, geassocieerd met de VerlosserMaria droeg actief bij aan het reddingswerk niet door eigen verdienste, maar door de genade van Christus. Haar fiat bij de Annouciatie (Lc 1,38) was het akkoord geven aan de incarnatie van de Zoon van God. Op de Calvaria, “stond zij bij het kruis van Jezus” (Jo 19,25), lijdend met de Zoon en zijn offer goedkeurend met moederlijke liefde. De LG 58 stelt dat Maria “met een moederlijk hart deelnam aan het offer van Jezus, liefdevol instemmend met de offering van de door haar geboren slachtoffer”. Dit dubbele fiat, bij de Annouciatie en op de Calvaria, vormt de boog van haar deelname aan de verlossing. LG 60 benadrukt dat deze bemiddeling van Maria niet afdoet aan of de mist de unieke bemiddeling van Christus: “ontvloeit uit de overvloed van de verdiensten van Christus”, is volledig ondergeschikt en afhankelijk.

Christologie en MariologieHet fundamentele beginsel dat de relatie tussen beide disciplines regelt, is die van instrumentale ondergeschiktheid: Mariologie dient Cristologie en verlicht het mysterie van de verlossing. Wat over Maria wordt gezegd, verwijst altijd naar Christus en zijn Geest. De Marialis Cultus (n. 25) eist dat het mariaans cultus “van aard is die duidelijk cristologisch”. Alle grootheid van Maria ontleent zich aan haar relatie met de Zoon: “Alles gaat naar Jezus, via Maria” (LG 67).

Dieper ingaan op het onderwerp: bestudeer Mariologie, Theologie van Maria, Mariaanse dogmen en de Postgraduaat in Mariologie.

Mariologie est nisi Christologia plene intellecta: quia Maria tota est ad Christum ordinata, totaque ex Christo intelligitur.

Paus Johannes Paulus II, Enc. Redemptoris Mater, n. 4 (25 maart 1987)

Vertaling: Mariologie is slechts de volledig begrepen Cristologie: want Maria is geheel gerangschikt naar Christus en alleen via Christus volledig begrepen.

Master in Mariologie

Wil je je kennis van Mariologie verdiepen? Ontdek dan de Postgraduaat Mariologie aan de Locus Mariologicus – een academische opleiding die theologische strengheid, spirituele levenswijze en de levende traditie van de Kerk combineert.

Inschrijven of meer informatie →

Leer wat de Kerk onderricht over Maria als Mediator van alle genaden.

Wilt u mariologie serieus bestuderen?

Dit artikel is voortgekomen uit de werken in de bibliotheek van Locus Mariologicus. De Postgraduaat in Mariologie leidt u naar dezelfde bronnen, met academische begeleiding: de Schrift, de Vaders van de Kerk en het Magisteraat, van het eerste dogma tot hedendaagse kwesties.

Ontdek de Postgraduaat in Mariologie

Related Articles

Responses