Maria als apostolisch symbool: Christus, geloof en de aanwezigheid van de Maagd

De Apostolische Symbolen vormen de oudste geloofsbelijdenis van de christelijke Kerk, en Maria heeft hierin een niet onbelangrijke plaats. In de derde aflevering van het Mariologie-podcast onderzoekt prof. Daniel Afonso de etymologie van het begrip symbool zelf, de structuur van de oecumenische geloofsbelijdenissen en de theologische betekenis van de formule «uit Maria, de Maagd, geboren», die de Apostolische Symbolen al sinds de eerste eeuwen van het christendom bewaren.

I. Wat is een symbool? Etimologie en theologische betekenis
Het woord «symbool» komt van het Griekse *symbolon*, afgeleid van het werkwoord *sunballein*, wat ‘samenbrengen’, ‘in één geheel plaatsen’ of ‘in samenhang brengen’ betekent. De Apostolische Geloofsbelijdenis is derhalve niet louter een lijst van waarheden, maar de organische samenvoeging van de mysteriën van het geloof in één bekentenis. Daniel Afonso wijst erop dat deze begrip van symbool een directe resonantie heeft in de mariologie: in het Evangelie volgens Lucas wordt Maria beschreven als iemand die ‘alle deze dingen in haar hart bewaart’ (Lc 2,19), met het Griekse *sunballein* als wortel.In die zin is Maria de eerste interprete van het symbool van het geloof: ze verenigt in haar hart de mysteriën die ze aanschouwt, bewaart ze en overweegt ze, alvorens ze te communiceren. Haar relatie met de Apostolische Geloofsbelijdenis is niet enkel extern, als een in een formule vermelde figuur. Het is intern: haar leven is de levende weergave van wat het symbool verkondigt.II. De drievoudige structuur van het geloof en de plaats van Maria
De Apostolische Geloofsbelijdenis heeft een drievoudige structuur: we geloven in de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Daniel Afonso wijst op een belangrijke onderscheid: we zeggen ‘ik geloof in God de Vader’, ‘ik geloof in Jezus Christus’, maar we zeggen ‘ik geloof in de Kerk’. De prepositie verandert omdat het geloof in God van een andere aard is dan de toewijding aan de Kerk. Maria verschijnt in de tweede artikel, het christologische: ‘geboren van de Maagd Maria’. Haar naam is diepgeworteld in het geloof, in het moment waarop de incarnatie van de Zoon van God wordt bekent.III. Het symbool van Nicea (325): de eerste oecumenische geloofsbelijdenis
De eerste oecumenische geloofsbelijdenis is die van Nicea, opgesteld tijdens het concilie van 325. De kerkvaders kwamen samen om het arianisme te bestrijden, dat de volledige goddelijkheid van de Zoon ontkende. Ze formuleerden een geloofsbelijdenis die expliciet verklaarde dat Christus ‘van dezelfde substantie is als de Vader’ (*homoousios*). De Apostolische Geloofsbelijdenis van Nicea omvat de verwijzing naar de Maagd Maria als moeder van de Verlosser, waardoor de christologische bekentenis wordt verankerd in de historische werkelijkheid van de incarnatie.De opneming van Maria in het Nicäens symbool heeft een duidelijke anti-gnostische en anti-docetistische betekenis: de Zoon van God was niet alleen in een menselijk lichaam verschenen, maar werd werkelijk geboren van een vrouw. Haar naam, Maria, benadrukt de historische betekenis van de Verlossing. Het Apostolisch Symbool is op dit punt tegelijk een christologische en mariologische verklaring.
IV. Het Nicäens-Constantinopolitans Symbool (381): uitgebreid en verduidelijktIn 381 nam het Concilie van Constantinopel het Nicäense Symbool over en breidde het uit, wat leidde tot het Apostolisch Symbool, het langere geloof dat door Portugese gemeenschappen vaak het ‘Nicäense Credo’ wordt genoemd. Dit symbool voegt een meer gedetailleerde reflectie toe over de Heilige Geest, die erkend wordt als ‘Heer en Bron van Leven’. De verbinding tussen de Heilige Geest en Maria wordt zo duidelijker: de Zoon werd ‘door de macht van de Heilige Geest en uit de maag van de Maagd Maria geboren’.
V. De Heilige Geest en Maria in het geloofDe formule ‘door de macht van de Heilige Geest en uit de maag van de Maagd Maria geboren’ is een van de theologische uitspraken met de grootste diepgang in het Apostolisch Symbool. Het verbindt de goddelijke handeling van de Heilige Geest met de menselijke acceptatie van Maria in één gebeurtenis: de Verlossing. Daniel Afonso merkt op dat de hedendaagse Mariologie, beïnvloed door de pneumatologische vernieuwing van het Vaticaan II, deze verbinding tussen de handeling van de Geest en de missie van Maria nog niet voldoende heeft onderzocht. Dit is een open veld voor zowel dogmatisch onderzoek als voor de toepassing op het christelijke gebed en leven.
VI. Mariologische implicaties voor het christelijke levenHet reciteren van het Apostolisch Symbool is voor de gelovige een daad van gemeenschap met de Kerk door de eeuwen heen. Wanneer we ‘uit de maagd Maria geboren’ zeggen, bekennen we tegelijkertijd de goddelijkheid van Christus en de goddelijke moedigheid van Maria. Mariologie is geen optioneel devotioneel element van het geloof, maar is diepgeworteld in de structuur van het geloof. Wie dieper in deze kwestie wil graven, kan in de ‘Locus Mariologicus’ de Postgraduaat in Mariologie vinden, waar het mariologische methoden en de interpretatie van de geloofssymbolen met de nodige zorg worden behandeld. Zie Lumen Gentium, nr. 52: ‘Maria is op onlosmakelijke wijze verbonden met het verlossingswerk van haar Zoon’.
Naaste studie in Mariologie
Wil je je kennis van Mariologie verdiepen? Ontdek dan de Postgraduaat Mariologie aan de Locus Mariologicus – een academische opleiding die theologische strengheid, spirituele levenswijze en de levende traditie van de Kerk combineert.Wil je mariologie serieus bestuderen?
Dit artikel is ontstaan uit de werken in de bibliotheek van Locus Mariologicus. De postgraduaat in mariologie brengt je naar dezelfde bron, met academische begeleiding: de Schrift, de Vaders van de Kerk en het Magisteraat, van het eerste dogma tot hedendaagse kwesties.
Responses