Paulus VI – Toespraak bij de sluiting van het Vaticaan II (8 december 1965): Maria Onbevlekte, model voor de post-conciliaire Kerk.
Op 8 december 1965, de feestdag van de Onbevlekte Ontvangenis, sloot paus Paulus VI officieel het Tweede Vaticaans Concilie af. Zijn slottoespraak (paragraaf 474* – 475* van het Enchiridion Vaticanum, volume 1) culmineert in een buitengewone Maria-contemplatie: Maria Onbevlekte als model voor de kerk na het Concilie en als uitgangspunt voor de toepassing van de Conciliebesluiten.
| Collectie | Enchiridion Vaticanum, volume 1, paragraaf 474* – 475* |
| Paus | Geliefde Paulus VI |
| Datum | 8 december 1965 (feestdag van de Onbevlekte Ontvangenis, officiële sluiting van het Vaticaans Concilie) |
Originele Italiaanse tekst, n. 474*
La nostra lode, pertanto, diventa ideale. Diventa sogno? Diventa poesia? Diventa un’iperbole convenzionale e vuota, come spesso accade nelle nostre solite espressioni augurali? No. Diventa ideale, ma non irreal. Un attimo ancora della vostra attenzione. Quando noi uomini dirigiamo i nostri pensieri, i nostri desideri verso una concezione ideale della vita, ci troviamo subito nell’utopia, o nella caricatura retorica, o nell’illusione, o nella delusione. L’uomo conserva l’aspirazione inextinguibile alla perfezione ideale e totale, ma non riesce ad ottenerla da solo, né con il concetto, né con l’esperienza e con la realtà. Lo sappiamo; ed ecco il dramma dell’uomo, del re decadente.
Osservate cosa sta accadendo questa mattina: mentre chiudiamo il Concilio Ecumenico, celebriamo la Santa Maria, Madre di Cristo, e quindi, come abbiamo già detto, Madre di Dio e nostra Madre spirituale. Maria santissima, diciamo, immacolata! cioè, innocente, cioè, meravigliosa, cioè, perfetta; o sia, la Donna, la vera Donna ideale e reale allo stesso tempo; la creatura nella quale l’immagine di Dio si riflette con assoluta chiarezza, senza alcuna perturbazione come accade in ogni creatura umana.
Portugese vertaling, n. 474
Onze groet wordt dan ideaal. Wordt het een droom? Wordt het poëzie? Wordt het een conventionele en lege hyperbolen, zoals zo vaak gebeurt in onze gebruikelijke uitbundige wensuitingen? Nee. Het wordt ideaal, maar niet onwerkelijk. Een moment nog van jullie aandacht. Wanneer wij mensen onze gedachten en verlangens naar een ideale voorstelling van het leven meenemen, komen wij onmiddellijk in de utopie, of in retorische karikatuur, of in illusie, of in teleurstelling. De mens heeft de onuittegenlijke verlangen naar de ideale en totale perfectie, maar bereikt deze niet zelf, noch in conceptie, noch in ervaring en werkelijkheid. We weten het: het is het drama van de mens, de vervallen koning.
Maar kijk eens wat er deze ochtend gebeurt: terwijl we het oecumenisch Concilie afsluiten, vieren we de Allerheiligste Maria, de Moeder van Christus, en dus, zoals we op een andere gelegenheid zeiden, de Moeder van God en onze spirituele Moeder. Wij zeggen van Maria Allerheiligste, onbevlekte! Dat wil zeggen, onschuldig, of wonderbaarlijk, of perfect; dat wil zeggen, de Vrouw, de ware Vrouw, ideaal en echt tegelijk: het wezen waarin het beeld van God zich met absolute helderheid weerspiegelt, zonder enige verstoring zoals in elk menselijk wezen het geval is.
Nr. 475*, het inspirerende model
Door onze blik te richten op deze nederige Vrouw, onze Zuster en tegelijkertijd onze hemelse Moeder en Koningin, het heldere en heilige spiegel van oneindige schoonheid, kunnen wij onze conciliaire spirituele opgang en deze afsluitende groet niet beëindigen? En kan ons post-conciliair werk niet beginnen? Wordt deze schoonheid van Maria Onbevlekte niet voor ons een inspirerend model? Een troostende hoop?
Nederlands: Door onze blik te richten op deze nederige Vrouw, onze Zuster en tegelijkertijd onze hemelse Moeder en Koningin, het heldere en heilige spiegel van oneindige schoonheid, kunnen wij onze conciliaire spirituele opgang en deze afsluitende groet niet beëindigen? En kan ons post-conciliair werk niet beginnen? Wordt deze schoonheid van Maria Onbevlekte niet voor ons een inspirerend model? Een troostende hoop?
Historische betekenis
De slotrede van het Tweede Vaticaans Concilie op 8 december 1965 heeft een historische betekenis:
- Datum: 8 december, de feestdag van de Onbevlekte Ontvangenis, bewust gekozen om de afsluiting te verbinden met het fundamentele mariaans mysterie van het dogma van 1854
- Drieledige conceptie: Maria als Moeder, Zuster en Koningin tegelijkertijd, een synthese van de mariale relatie met de Kerk
- Post-conciliair programma: Maria als uitgangspunt voor het «werk post-conciliare», al het werk van de toepassing van het Concilie zal onder haar moederlijke hoede plaatsvinden
Verbinding met Mater Ecclesiae
Deze toespraak vormt de aanvulling op de toespraak van 21 november 1964 (zie bericht over Mater Ecclesiae). De twee teksten vormen een marianisch diptiek: in de verkondiging van 1964 wordt Maria uitgeroepen tot Moeder van de Kerk; in de afsluiting van 1965 wordt Maria voorgesteld als model voor de post-conciliaire taak van de Kerk, zoals vernieuwd door het Concilie.
Aanvullende lectuur
Lumen Gentium, hoofdstuk VIII | Verkondiging Mater Ecclesiae, 1964 | Marialis Cultus | Ineffabilis Deus
Postgraduaat in Mariologie
Wil je je kennis van Mariologie verdiepen? Ontdek dan de Postgraduaat Mariologie aan de Locus Mariologicus – een academische opleiding die theologische strengheid, spirituele levenswijze en de levende traditie van de Kerk combineert.Leer meer over de Onbevlekte Ontvangenis.
Wilt u mariologie serieus bestuderen?
Dit artikel is ontstaan uit de werken van de bibliotheek van Locus Mariologicus. De Postgraduaat in Mariologie leidt u naar dezelfde bronnen, met academische begeleiding: de Schrift, de Vaders van de Kerk en het Leergezag, van het eerste dogma tot hedendaagse kwesties.
Responses