Wie is de “verloofde maagd”: mariologie uit de Bijbel

Inscrições abertas

Hieronder delen we een fragment uit het boek «Maria, dochter van Israël: Het Oude Testament in de Mariologie» van prof. dr. Rita Torti, zodat u een voorproefje krijgt van wat er in dit uitgebreide werk over Mariologie uit het Oude Testament te vinden is!

Wie is Maria? De oudste getuigenis over haar is onmiskenbaar Galaten 4,4-5: «Wanneer de volheid van de tijd was gekomen, stuurde God zijn Zoon, geboren uit een vrouw [een gangbare omvorming voor ‘man’], geboren onder de wet, om hen te bevrijden die onder de wet stonden, en om allen de waardigheid van kinderen te geven.»

«Het concept ‘volheid der tijden’ in het Nieuwe Testament betekent niet alleen dat God zijn tijdig ingrijpen heeft gepland, maar ook dat de geschiedenis van de openbaring dringend naar vervulling streed» (Romano Guardini, *La Madre del Signore*, 25).

Met deze citaat uit Galaten begint hoofdstuk VIII van *Lumen Gentium* dat ons uitnodigt om de grootheid van Maria vooral te zien in haar moedigheid als Moeder van de Verlosser: zij wordt geplaatst in de historische context die haar toebehoort, in het kader van Gods reddingsplan en wordt gepresenteerd als een essentieel onderdeel ervan. De tekst benadrukt tegelijkertijd de menselijkheid van Jezus: hij was volledig mens uit zijn tijd en uit zijn omgeving, en was ook de langverwachte Messias. Hij zelf verklaart dat de Schrift over hem getuigt (*Johannes* 5,39).

Over Maria’s jeugd en achtergrond is echter weinig bekend, tot aan het moment van haar aankondiging door de engel. Haar opvoeding en levensstijl waren waarschijnlijk dezelfde als die van alle meisjes uit haar sociale klasse. «Onze enige bron, het Evangelie, geeft geen enkele opmerkelijke gebeurtenis weer. […] Ten eerste moeten we de invloed van geschriften in overweging nemen, evenals die van de apocriefen evangeliën. Veel vervormingen en afwijkingen van de echte afbeelding zijn te wijten aan deze bronnen. De presentatie moet niet alleen beweren, maar ook zichtbaar maken hoe de authentieke werkelijkheid godvruchtiger, groter en mysterieuzer is dan alle legendarische wonderen» (Guardini, *La Madre del Signore*, 22).

Volgens de evangeliest Lucas werd de engel Gabriël door God gezonden naar een stad in Galilea genaamd Nazareth, naar «een maagd die verloofd was met een man uit het huis van David, genaamd Jozef» (*Lucas* 1,26-27). Op het moment van de aankondiging door de engel moet Maria ongeveer 12 of 13 jaar oud zijn geweest.

Over het algemeen wordt zelden over maagden gesproken, maar hier herhaalt Lucas in dezelfde zin tweemaal dat zij een maagd was, waarbij het zelfstandig naamwoord op de meest prominente plaats staat: “De naam van de maagd was Maria”.

Hij beschrijft de juridische situatie met het Griekse werkwoord mnēsteúō, dat ook voorkomt in Mt 1,18 (“Maria, zijn moeder, was aan Jozef gegeven als vrouw”) en Lc 2,5 (“Jozef moest zich met Maria, zijn vrouw die zwanger was, registreren”).

De uitdrukking in Lc 1,27 komt voor in de Griekse vertaling van de Hebreeuwse Bijbel (LXX) in Dt 22,23 (“een maagd die getrouwd is”), als vertaling van het Hebreeuwse woord na’ărâ betûlâ me’ōrāśâ (wortel ‘rś): “een jong meisje dat nog nooit getrouwd is”. Ook over Maria in Mt 1,24 wordt duidelijk gezegd dat zij de verloofde van Jozef was: “Toen hij wakker werd, nam Jozef zijn verloofde mee” (tēn gynaïka autoû. Vertaald: Accepit coniugem suam).

De LXX vertaalt de wortel ‘rś altijd met het werkwoord mnēsteúō, dat in Mt 1,18 en Lc 2,5 wordt gebruikt om Maria’s juridische positie aan te geven. Alleen in Dt 28,30 (“Je zult een vrouw nemen en er een andere hebben”) en 2 Sam 3,14 (“Geef mij mijn vrouw Mical terug, die ik voor honderd Filistijnse voorbereidingen heb genomen”) gebruiken ze het werkwoord lambánō (“nemen”, “ontvangen”).

De Hebreeuwse wortel ‘rś wijst op iets wat in onze culturen geen equivalent heeft:

– Het verwijst zeker niet naar verloving (Hebreeuws: šîddûkîn), een fase voorafgaand aan het huwelijk, waarin de voorbereidingen voor het huwelijk werden genomen door de betrokkenen zelf of door hun ouders en familieleden (verplichte voorwaarden die betrekking hadden op de afspraken over datum en locatie van het huwelijk en financiële verplichtingen, zoals bijvoorbeeld de grootte van de bruidsschat).

– Het betekent ook niet per se huwelijk, zoals we dat vandaag begrijpen.

Het is misleidend om het Bijbelse woord ‘rś (in zijn verschillende vormen) te vertalen als “verloving” of “verloofde”: het wijst in plaats daarvan op de essentiële handeling die de eerste fase van het huwelijksproces vormt. Een juridisch bindende en openbare daad die het huwelijk van rechtswege tot stand brengt.

We vinden de wortel ‘rś in Hos 2,21-22, waar de profeet ons onthult het liefdesmysterie van God voor zijn volk, een liefde die niet alleen tot vergeving leidt, maar ook tot een eeuwig huwelijk. “Ik zal jou mijn vrouw zijn” (’ērastîk lî: wortel ‘rś), herhaalt God drie keer, in de eerste persoon tegen Zijn volk, waarmee Hij een gemeenschap van leven, een stabiele en exclusieve relatie wil aangaan…

Wil je meer over dit boek lezen? Neem dan contact met ons op via 34 999786407 en bestel nu jouw exemplaar!

Om je in te schrijven voor deze grote cursus, bezoek dan: www.locusmariologicus.org/mariafilhadeisrael

Postgraduaat in Mariologie

Wil je je kennis van Mariologie verdiepen? Ontdek dan het Postgraduaat in Mariologie bij Locus Mariologicus – een academische opleiding die theologische strengheid, spirituele levensvorm en de levende traditie van de Kerk combineert.

Inschrijven of meer informatie →

Related Articles

Responses